Het omrekenen tussen breuken, decimalen en procenten is een kernvaardigheid die voortdurend terugkomt — in recepten, kortingen, testscores, financiële rendementen en statistieken.

De sleutelrelatie — alle drie de formaten stellen een deel van een geheel voor

Fraction Decimal Percentage
1/2 0.5 50%
1/4 0.25 25%
3/4 0.75 75%
1/5 0.2 20%
1/3 0.333... 33.33...%

Van breuk naar procent

Methode 1 — via decimaal: Deel de teller door de noemer en vermenigvuldig met 100.

Procent = (teller / noemer) × 100

Voorbeeld: 3/8 → 3÷8=0,375 → 0,375×100=37,5%

Methode 2 — noemer 100:

3/4 → 75/100 = 75%
7/20 → 35/100 = 35%

Van procent naar breuk

Deel door 100 en vereenvoudig:

65% = 65/100 = 13/20
37,5% = 375/1000 = 3/8

Van decimaal naar procent

Vermenigvuldig met 100:

0,73 → 73%
0,08 → 8%
1,25 → 125%

Van procent naar decimaal

Deel door 100:

42% → 0,42
7% → 0,07
130% → 1,30

Van breuk naar decimaal

Deel teller door noemer:

5/8 = 0,625
2/3 = 0,666...

Veelgebruikte omrekeningen om te onthouden

Fraction Decimal %
1/8 0.125 12.5%
1/6 0.1667 16.67%
1/5 0.2 20%
1/4 0.25 25%
1/3 0.333 33.3%
3/8 0.375 37.5%
2/5 0.4 40%
1/2 0.5 50%
3/5 0.6 60%
5/8 0.625 62.5%
2/3 0.667 66.7%
3/4 0.75 75%
7/8 0.875 87.5%

Voorbeelden in examenstijl

Een student scoort 34 van de 40. Wat is het percentage?

34/40 = 0,85 = 85%

Een jas kost 120€ en wordt 35% goedkoper. Verkoopprijs?

35% van 120 = 42€
Prijs = 120 − 42 = 78€

Waarom dit in het echte leven belangrijk is

Financiën: Rentevoeten zijn procenten. Statistiek: Kansen kunnen als breuken, decimalen of procenten worden uitgedrukt. Koken: Recepten aanpassen vereist breukenrekening.